Mobiliteitsbudget verplicht vanaf 2027: wat moet je als werkgever weten?

De Belgische overheid maakt het mobiliteitsbudget verplicht voor werkgevers die bedrijfswagens aanbieden. Voor bedrijven met 50+ werknemers vanaf 2027, voor 15+ vanaf 2028. In deze gids: wat de verplichting precies inhoudt, hoe het wettelijk traject loopt, hoe de drempel wordt gemeten, welke sancties dreigen en welke voorbereidingsstappen je nu al kan zetten.

Leestijd ≈ 8 min · Laatst bijgewerkt: 11 juni 2026 · Status: voorontwerp in adviesfase (NAR-advies nr. 2.485 van 29 april 2026) — nog niet ingediend in de Kamer.

In één oogopslag

  • Fase 1 — 1 januari 2027: verplicht voor werkgevers met gemiddeld 50 of meer werknemers die bedrijfswagens aanbieden.
  • Fase 2 — 1 januari 2028: idem voor werkgevers met gemiddeld 15 tot 49 werknemers.
  • Vrijgesteld: < 15 werknemers; werkgevers die niet langer dan 36 maanden (al dan niet onderbroken) een bedrijfswagen aanboden; ondernemingen in moeilijkheden; collectief ontslag met sluiting.
  • Werknemer is niet verplicht om het budget te kiezen — wel om het keuzerecht aangeboden te krijgen.
  • Status (juni 2026): voorontwerp van 9 januari 2026 in adviesfase; NAR vroeg op 29 april 2026 eerst vereenvoudiging. Nog niet gestemd, nog niet in het Staatsblad.

Wat is de verplichting precies?

Werkgevers die een bedrijfswagen ter beschikking stellen, worden verplicht het mobiliteitsbudget als gelijkwaardig alternatief aan te bieden. Dat betekent niet dat werknemers verplicht worden om hun bedrijfswagen in te ruilen — ze moeten enkel formeel de keuze krijgen. De verplichting rust dus op de werkgever en niet op de werknemer.

Concreet moet je als werkgever drie zaken regelen vóór de inwerkingtreding voor jouw schaal: (1) het mobiliteitsbudget formeel opnemen in je arbeidsreglement of een addendum, (2) een transparante TCO-berekening per functiecategorie hebben, en (3) een proces om de keuze jaarlijks of bij elke vernieuwing aan te bieden.

De maatregel kadert in de bredere ambitie van de federale regering om de fiscale vergroening van bedrijfsmobiliteit te versnellen, in lijn met de Europese Green Deal-doelstellingen en de Belgische klimaattoezeggingen voor 2030.

Het wettelijk traject — waar staan we nu? (stand 11 juni 2026)

Belangrijk om te weten: er ligt op dit moment nog géén wetsontwerp in de Kamer. De tekst zit in de adviesfase die aan de parlementaire behandeling voorafgaat:

9 januari 2026 — Ministerraad. Voorontwerp goedgekeurd: veralgemening van het mobiliteitsbudget, uitgesteld naar 1 januari 2027. Voor advies naar Raad van State, NAR en CRB.

29 april 2026 — NAR-advies nr. 2.485. De sociale partners staan achter de veralgemening, maar vragen éérst een vereenvoudiging: duidelijkere personeelsdrempels, een eenvoudigere budgetberekening en overgangsregels (o.a. zero-emissie deelmobiliteit pas tegen eind 2029).

Verwacht H2 2026 — aangepaste tekst + indiening in de Kamer. Daarna commissie, stemming en publicatie in het Belgisch Staatsblad.

!

1 januari 2027 — Beoogde inwerkingtreding fase 1 (gemiddeld 50+ werknemers). Hoe later de wet gestemd raakt, hoe groter de kans op verschuiving van deze datum.

Naast de wet komen er nog uitvoeringsbesluiten die de praktische details (telmethode-randgevallen, handhaving) vastleggen. Zolang die er niet zijn, blijven sommige onderdelen hieronder uitdrukkelijk "verwacht" in plaats van zeker.

Welke deadlines gelden er?

De verplichting wordt volgens het voorontwerp gefaseerd ingevoerd op basis van het gemiddelde aantal werknemers over de referteperiode (Q4 voorlaatste jaar t/m Q3 vorig jaar):

Fase 1
1 jan 2027

Werkgevers met gemiddeld 50 of meer werknemers (referteperiode Q4 2025 – Q3 2026)

Fase 2
1 jan 2028

Werkgevers met gemiddeld 15 tot 49 werknemers (vrijgesteld tot 31/12/2027) — zie de KMO-gids over fase 2 in 2028

Blijvend vrijgesteld
< 15

Werkgevers met gemiddeld minder dan 15 werknemers; ook: ondernemingen in moeilijkheden en collectief ontslag met sluiting

Hoe wordt de werknemers-drempel gemeten?

Het voorontwerp legt de meting vast als een gemiddelde over een referteperiode:

  • Referteperiode: het vierde kwartaal van het voorlaatste jaar tot en met het derde kwartaal van het vorige jaar. Voor 1 januari 2027 tel je dus over Q4 2025 – Q3 2026.
  • Gemiddelde: een tijdelijke piek of dip telt niet — het gaat om het gemiddelde aantal werknemers over die vier kwartalen.
  • Nog niet definitief: hoe uitzendkrachten, jobstudenten en intra-groepsstructuren precies meetellen, staat nog niet vast. Die details volgen in de finale wettekst en uitvoeringsbesluiten — beloftes daarover van adviseurs zijn voorlopig interpretaties.

Zit je in de buurt van een drempel (rond 15 of rond 50)? Bereken je gemiddelde alvast per kwartaal en stem af met je sociaal secretariaat zodra de finale tekst er is.

De 36-maanden-regel

De verplichting geldt enkel voor werkgevers die gedurende meer dan 36 maanden — al dan niet onderbroken — minstens één bedrijfswagen ter beschikking stelden. Start je pas in 2025 of 2026 met een wagenpark? Dan val je niet onmiddellijk onder de verplichting, ook al heb je meer dan 50 werknemers.

Deze drempel voorkomt dat starters of recent gegroeide KMO's direct met de administratieve verplichtingen worden geconfronteerd. Ze geeft je een natuurlijke aanloopperiode van drie jaar om je wagenpark en HR-administratie operationeel klaar te zetten.

Is de werknemer verplicht om te kiezen?

Nee. Een veelgestelde vraag is: "Moet ik mijn bedrijfswagen inleveren in 2027?" Het antwoord is nee. De verplichting rust op de werkgever, niet op de werknemer.

Als werknemer krijg je vanaf 2027 het recht om expliciet te kiezen voor het mobiliteitsbudget bij elke vernieuwing of toekenning van een wagen. Je kan perfect je bedrijfswagen behouden als dat beter past bij jouw woon-werkafstand, gezinssituatie of levensstijl. Twijfel je? Gebruik de mobiliteitsbudget simulator om voor jouw situatie de twee opties tegen elkaar te zetten — en deel hem gerust met je werknemers.

Sancties — en wat is nog onduidelijk?

Eerlijk antwoord: de sanctieregeling is nog niet vastgelegd. Het voorontwerp regelt de aanbiedingsplicht; hoe niet-naleving gecontroleerd en gesanctioneerd wordt, moet blijken uit de finale wettekst en de uitvoeringsbesluiten. Wie nu concrete boetebedragen of inspectie-regimes citeert, loopt op de feiten vooruit.

Dit zijn de open punten die de komende maanden duidelijk moeten worden:

  • Handhaving en sancties — welk controlemechanisme en welke gevolgen bij niet-aanbieden.
  • Randgevallen telmethode — uitzendkrachten, jobstudenten, intra-groepsstructuren.
  • De vereenvoudiging die de NAR vraagt — duidelijkere drempels en een eenvoudigere budgetberekening kunnen de finale regels nog wijzigen.
  • De timing zelf — hoe later de stemming, hoe reëler een verschuiving van 1 januari 2027.

Vrijwillig invoeren — voor wie geen verplichting heeft

Werkgevers onder de drempel (minder dan 15 FTE of nog geen 36 maanden actief met bedrijfswagens) kunnen het mobiliteitsbudget natuurlijk vrijwillig invoeren. In de praktijk is dat steeds vaker een aantrekkelijke move om drie redenen:

  • Talentaantrekking. Vooral jongere werknemers en stadsbewoners zien het mobiliteitsbudget als een sterke arbeidsvoorwaarde, soms doorslaggevender dan een wagen.
  • Kostenneutraliteit. Voor de werkgever is de TCO van een mobiliteitsbudget gelijk aan die van de wagen die je anders zou aanbieden. Geen extra loonkost, wel meer aantrekkelijkheid.
  • Voorbereiding op de verplichting. Wie nu al ervaring opbouwt, vermijdt last-minute stress in 2027 of 2028 als je via groei toch onder de regeling valt.

Eén aandachtspunt: ook bij vrijwillige invoering gelden dezelfde formele regels (arbeidsreglement, TCO-berekening, 36-maandenvereiste voor de werknemer). Zie de gids over implementeren in een KMO voor een gedetailleerd stappenplan.

5 concrete stappen om je voor te bereiden

1

Breng je wagenpark in kaart

Maak een volledig overzicht van bedrijfswagens, lopende leasecontracten en bijhorende TCO (lease + brandstof + verzekering + belastingen). Dit is de basis voor de budget-berekening per functiecategorie. Plan dit uiterlijk Q3 2026 — geef jezelf een buffer.

2

Bereken het budget per functiecategorie

Het mobiliteitsbudget is gelijk aan de jaarlijkse bruto TCO. Gebruik de mobiliteitsbudget simulator voor een eerste inschatting, of werk met je sociaal secretariaat aan een gedetailleerde car-policy-analyse.

3

Kies een administratief platform of proces

Je hebt een platform of intern proces nodig om uitgaven per werknemer te tracken en correct fiscaal te kwalificeren. Bekijk het overzicht van aanbieders of lees de gids over administratie en tools.

4

Informeer en betrek je werknemers

Communiceer duidelijk wat het mobiliteitsbudget inhoudt, wat de drie pijlers zijn en hoe het keuze-proces verloopt. Plan minstens één Q&A-sessie en stuur schriftelijke FAQ rond. Transparantie verkleint de kans op weerstand of misverstanden.

5

Pas car policy, arbeidsreglement en addendum aan

Je car policy en arbeidsreglement moeten een clausule bevatten die het mobiliteitsbudget formeel aanbiedt als alternatief. Laat dit nakijken door je sociaal secretariaat (Securex, SD Worx, Acerta, Partena…) of een jurist sociale recht. Hou de wijziging klaar tegen Q4 2026.

Veelgestelde vragen

Is de verplichting al definitief?

Nee. Op 9 januari 2026 keurde de Ministerraad een voorontwerp van wet goed; dat ligt sindsdien in de adviesfase (Raad van State, Nationale Arbeidsraad en Centrale Raad voor het Bedrijfsleven). De NAR gaf op 29 april 2026 in advies nr. 2.485 groen licht, maar vraagt eerst een vereenvoudiging van de regeling. Per juni 2026 is er nog géén wetsontwerp ingediend in de Kamer. Communicatie blijft daarom op "aangekondigd", niet op "wet" — datum en drempels kunnen nog wijzigen.

Hoe wordt het aantal werknemers gemeten voor de drempel?

Volgens het voorontwerp: het gemiddelde aantal werknemers over een referteperiode die loopt van het vierde kwartaal van het voorlaatste jaar tot en met het derde kwartaal van het vorige jaar. Voor de deadline van 1 januari 2027 is dat dus Q4 2025 tot en met Q3 2026. Details — zoals de behandeling van uitzendkrachten of intra-groepsstructuren — zijn nog niet definitief vastgelegd; die volgen in de finale wettekst en uitvoeringsbesluiten.

Wat als ik in 2027 net onder 50 werknemers zit?

Werkgevers met gemiddeld minder dan 50 werknemers in de referteperiode zijn vrijgesteld tot 31 december 2027. Heb je gemiddeld 15 tot 49 werknemers, dan geldt de verplichting vanaf 1 januari 2028. Een tijdelijke piek telt niet automatisch mee — het gaat om het gemiddelde over de referteperiode.

Welke sancties voorziet het ontwerp?

Dat is nog niet vastgelegd. Het voorontwerp regelt de aanbiedingsplicht, maar de handhavings- en sanctieregeling moet nog uitgewerkt worden in de finale wettekst en uitvoeringsbesluiten. Tot die er zijn, is elke concrete uitspraak over boetes speculatie.

Wat als ik nu pas start met bedrijfswagens?

De verplichting geldt volgens het voorontwerp enkel voor werkgevers die gedurende meer dan 36 maanden — al dan niet onderbroken — minstens één bedrijfswagen ter beschikking stelden. Wie pas in 2025 of 2026 start met een wagenpark, valt dus niet onmiddellijk onder de regeling, ook niet met meer dan 50 werknemers.

Ik werk in een Belgische vestiging van een buitenlands bedrijf — geldt het ook voor mij?

In principe ja. De verplichting hangt af van het feit dat je werkgever in België bedrijfswagens ter beschikking stelt, niet van waar het hoofdkantoor staat. Hoe vestigingen en groepsstructuren precies geteld worden, moet de finale wettekst nog bevestigen — stem af met je sociaal secretariaat.

Zijn er werkgevers die vrijgesteld blijven?

Ja. Naast werkgevers met gemiddeld minder dan 15 werknemers voorziet het voorontwerp vrijstellingen voor ondernemingen in moeilijkheden en bij collectief ontslag met sluiting van de onderneming. Voor lopende leasecontracten zou de verplichting per werknemer pas spelen bij het einde van het contract.

Bereken wat het mobiliteitsbudget oplevert

Gebruik onze gratis tools om als werkgever én als werknemer een eerste inschatting te maken.

Bronnen

  • Ministerraad — persbericht 9 januari 2026 over het voorontwerp veralgemening mobiliteitsbudget (news.belgium.be).
  • Nationale Arbeidsraad — advies nr. 2.485 van 29 april 2026 (cnt-nar.be).
  • Wet van 17 maart 2019 betreffende de invoering van een mobiliteitsbudget (basistekst, BS 29 maart 2019).
  • Securex Lex4You — "Verplicht mobiliteitsbudget vanaf 2027" (12 mei 2026).
  • SD Worx — vragen en antwoorden verplicht mobiliteitsbudget (mei 2026).
  • Fleet.be — vakportaal fleet management en mobiliteitsbeleid.

Deze informatie is gebaseerd op het voorontwerp dat de Ministerraad op 9 januari 2026 goedkeurde en de adviezen die daarop volgden (stand 11 juni 2026). De tekst is nog niet ingediend in de Kamer, nog niet gestemd en nog niet gepubliceerd in het Belgisch Staatsblad — datum en drempels kunnen nog wijzigen. Raadpleeg steeds de officiële bronnen en je sociaal secretariaat voor je individueel dossier.